Een goed stel

Auto

Een goed stel

Volvo en ik, het begon al vroeg. Na een kortstondig avontuur met een Volvo 340, rijd ik nu elf jaar in deze V40. Hij heeft alles wat ik zoek in een auto. En hoewel ik hem ieder jaar keurig voor de onderhoudsbeurt heb gebracht, is hij op. Ik moet afscheid van hem nemen en dat valt mij zwaar. Want we hoorden bij elkaar, mijn V40 en ik: een goed stel. Net een tikkie degelijker, ingetogener en toch stoerder dan ik ben, en daardoor de perfecte auto voor mij. Maar dat vind ik. Menig man heeft er zijn afschuw over uitgesproken, die V40 van mij. Al sluit ik niet uit dat dat te maken heeft met mijn smaak qua mannen.

En nu? Voor wat ik op het oog heb, spaar ik nog even verder. Verder weet ik vooral wat ik níet wil. Geen koekblik voor mij, want ik wil veilig op de weg liggen. Ik wil geen verrassingen, dus een Italiaan valt af. Evenmin een Japanner, het oog wil immers ook wat. Bovendien moet mijn auto een keurig zakelijke uitstraling hebben. Geen protserig type dus, maar ook niet zo’n degelijk Hollandse familiebak. Tabé BMW of Opel Kadet. En last but not least schop ik graag aan tegen stereotypen en komt een boodschappenkar er dus sowieso niet in.

Eigenlijk heb ik nooit veel met auto’s gehad, al was ik verknocht aan deze. Een optimistische schatting is dat ik hem eens per jaar door de wasstraat deed en ik reed regelmatig en dan wekenlang als glas- en papierbak in de rondte. Klokhuizen liet ik schimmelend achter en er is zelfs in gerookt. Ik laat in het midden door wie. Nu komt de zomer eraan. Laat ik eens gek doen: ik ga investeren in een goede fiets. En als ik tijdens fietstochten word overvallen door een regenbui of net iets te harde wind, dan zal ik rouwen om mijn V40.